Arbo
Gevaarlijke stoffen in uw bedrijf: wat u met het veiligheidsinformatieblad (SDS) moet doen
Bijna elk bedrijf werkt met gevaarlijke stoffen, vaak zonder het zo te noemen. Het veiligheidsinformatieblad (vroeger MSDS) vertelt wat u moet regelen. Zo haalt u eruit wat ertoe doet, voor de RI&E en voor uw BHV'ers.

"Wij werken niet met gevaarlijke stoffen." Dat horen wij vaak bij een RI&E, en bijna altijd klopt het niet. Een schoonmaakmiddel met een gevarenpictogram, een jerrycan ontvetter in de werkplaats, een gasfles bij het lassen, een spuitbus smeermiddel in het magazijn: het zijn allemaal gevaarlijke stoffen in de zin van de Arbowet. Niet alleen de chemische fabriek heeft ermee te maken, maar ook het garagebedrijf, de school, de zorginstelling en het kantoor met een schoonmaakkast.
Wat de wet van u vraagt
Het Arbobesluit (hoofdstuk 4) legt de verantwoordelijkheid bij de werkgever. U moet weten welke gevaarlijke stoffen er in uw bedrijf zijn, hoe groot de blootstelling is en welke maatregelen u neemt. Concreet komt dat neer op vier dingen:
- Een register van alle gevaarlijke stoffen: welke stof, waar, hoeveel, en de bijbehorende gevaren.
- Een beoordeling in de RI&E: wie wordt eraan blootgesteld, hoe vaak en hoeveel, en blijft dat onder de grenswaarde?
- Maatregelen in de juiste volgorde: eerst vervangen door iets minder gevaarlijks, dan afzuigen of afschermen, dan werkwijze en werktijd aanpassen, en pas als laatste persoonlijke beschermingsmiddelen.
- Voorlichting aan iedereen die ermee werkt, en een plan voor als het toch misgaat.
De Nederlandse Arbeidsinspectie controleert hierop en heeft een gratis zelfinspectie voor gevaarlijke stoffen. Wie die eerlijk doorloopt, weet meteen waar hij staat.
MSDS of SDS: wat is het verschil?
Geen. De term MSDS (Material Safety Data Sheet) is de oude Amerikaanse benaming. Sinds de Europese regels (REACH en CLP) heet het officieel het veiligheidsinformatieblad, in het Engels Safety Data Sheet of SDS. De leverancier is verplicht het mee te leveren bij elke gevaarlijke stof of elk gevaarlijk mengsel, in het Nederlands, en u gratis een bijgewerkte versie te sturen als er iets verandert. Heeft u van een product geen veiligheidsinformatieblad? Vraag het op. Het is uw recht, en zonder dat blad kunt u de stof niet goed beoordelen.
Zestien rubrieken, vijf die ertoe doen
Een veiligheidsinformatieblad heeft altijd dezelfde zestien rubrieken, van identificatie tot transportgegevens. Niemand leest ze allemaal, en dat hoeft ook niet. Voor de praktijk in uw bedrijf zijn dit de belangrijkste:
- Rubriek 2, gevaren: de pictogrammen, het signaalwoord (Gevaar of Waarschuwing) en de H-zinnen. Dit is de samenvatting waar alles om draait.
- Rubriek 4, eerstehulpmaatregelen: wat te doen bij inademen, huidcontact, oogcontact en inslikken. Dit is de rubriek voor uw BHV'ers.
- Rubriek 5 en 6, brandbestrijding en vrijkomen: welk blusmiddel wel en niet mag, en hoe u een gemorste hoeveelheid veilig opruimt.
- Rubriek 7, hantering en opslag: wat niet bij elkaar in dezelfde kast mag staan, en bij welke temperatuur.
- Rubriek 8, blootstellingsbeheersing: de grenswaarde en de persoonlijke beschermingsmiddelen die nodig zijn, zoals welk type handschoen en welk filter in het masker.
Een praktische tip: maak per stof een werkplekinstructiekaart van één A4, met de pictogrammen, de belangrijkste maatregelen en de eerste hulp. Die hangt u bij de werkplek. Het veiligheidsinformatieblad zelf bewaart u in een map of digitaal, zodat iedereen het binnen een minuut kan vinden, ook de BHV'er die om half elf 's avonds met een slachtoffer staat.
Wat uw BHV'er moet weten
Bij een incident met een gevaarlijke stof heeft de BHV'er drie vragen: welke stof is het, wat doe ik met het slachtoffer en is het veilig om te helpen? Het antwoord op alle drie staat in het veiligheidsinformatieblad, maar alleen als het snel gevonden wordt. Daarom hoort het register met de bladen bij de BHV-middelen, net als de verbandtrommel en de AED.
Een paar dingen die wij in onze cursussen steeds terugzien:
- Oogcontact: minstens vijftien minuten spoelen met lauw water of een oogdouche, en doorgaan tijdens het wachten op hulp. Een oogspoelfles op de werkplek is geen luxe als er met bijtende stoffen wordt gewerkt.
- Inademing: eerst het slachtoffer naar de frisse lucht, maar niet zelf de ruimte in rennen zonder te weten wat erin hangt. Eén slachtoffer is erg genoeg.
- Huidcontact: besmette kleding uit, langdurig spoelen, en niet neutraliseren met een andere stof.
- Bellen: bij vergiftiging kan de meldkamer of de huisarts contact opnemen met het Nationaal Vergiftigingen Informatie Centrum. Houd het veiligheidsinformatieblad bij de hand, want daar wordt om gevraagd.
Opslag: de kast waar het vaak misgaat
Bij inspecties zien wij meestal niet de grote vaten als probleem, maar de kleine voorraad. Een stalen kast met zuren naast logen, spuitbussen boven een verwarming, een jerrycan benzine in de meterkast. De richtlijn PGS 15 beschrijft hoe u gevaarlijke stoffen in verpakking opslaat: in een brandveilige kast, met lekbak, gescheiden naar soort, met de pictogrammen zichtbaar op de deur. Kleine hoeveelheden mogen eenvoudiger, maar de scheiding van stoffen die met elkaar reageren geldt altijd.
Zo begint u morgen
- Loop door het bedrijf en noteer elk product met een gevarenpictogram. Vergeet de schoonmaakkast, de werkplaats en de buitenopslag niet.
- Verzamel van elk product het veiligheidsinformatieblad. Ontbreekt het, dan vraagt u het op bij de leverancier.
- Zet alles in een register en neem het op in de RI&E. Kijk per stof of vervangen door iets minder gevaarlijks kan.
- Maak per werkplek een instructiekaart en bespreek die met de mensen die er werken.
- Neem de rubrieken 4, 5 en 6 door met uw BHV'ers en leg de map op een vaste plek bij de BHV-middelen.
Twijfelt u of uw register en RI&E op orde zijn, of wilt u dat uw BHV'ers ook met stofincidenten leren omgaan? Wij nemen het graag met u door, in de RI&E of in een BHV-cursus die bij uw bedrijf past.
Even samen naar uw situatie kijken?
In een half uur aan de telefoon komen we er meestal wel uit. Daar zit geen aanbod aan vast.
Nieuwe richtlijnen eerste hulp: wat verandert er voor uw BHV'ers?
Brand in huis: waar het meestal begint en wat u vanavond nog kunt regelen
Hartklachten bij vrouwen: herkent uw BHV'er ze op tijd?